Twitter: krugerpark
lente in de Cape Winelands, Zuid Afrika
Battle at Kruger
Twitter: sanparks
De Koningsprotea, die voor het open bloeien wat weg heeft van een kleurrijke artisjok, is de 'nationale bloem' van Zuid-Afrika. Zij is de grootste en haar open bloem kan een doormeter van 30 centimeter bereiken.
De veelvormige proteabloemen kregen in 1735 hun naam van de Zweedse botanicus Karl Linnaeus (Carl von Linné; 1707-1778). Hij noemde hen naar de Griekse god Proteus, die zoveel van gedaante kon veranderen als hij wou.
Er bestaan 360 tot 370 soorten protea's, waarvan er 320 tot 330 voorkomen in de zuidelijke en zuidwestelijke Westkaap en tot Grahamstad, een deel van Oostkaap. Van deze soorten behoren er 120 tot de bedreigde plantensoorten.
Benevens de Koningsprotea (Protea cynaroides) zijn veel voorkomende Kaapse soorten de Gewone protea (Protea caffra), Gewone suikerbos (Protea repens) en de Blauwe suikerbos (Protea neriifolia).
De protea's bloeiden 300 miljoen jaar geleden al in het oercontinent Gondwanaland tot dit openbrak in Antarctica, Australia, Zuid-Amerika en Afrika. Protea bloeien vandaag vooral in Australia, Zuid-Amerika en in Zuid-Afrika tot bij de Limpopo rivier.
Noordelijker zijn zij niet te vinden. Ruim 92% van de Zuid-Afrikaanse protea's gedijen in de bloemrijke Westkaap. De Kaapse proteasoorten worden nu ook commercieel geteeld in Australia, Frankrijk, Spanje en de Verenigde Staten. De bedreigde soorten echter niet omdat zij commercieel niet rendabel zijn.
Protea's vindt men vooral in het zogeheten fynbos en op bergflanken tot 1500 meter hoog. Zij bloeien in gebieden met een regenval, die wisselt van 180 tot 2500 millimeter per jaar. Zij hebben geen rijke grond nodig, maar genieten van de zandsteen op Tafelberg of in kleigrond zoals in Bokkeveld. Soms groeien zij zelfs in gewone zandgrond langs de kustgebieden.
De temperaturen langs de Kaap wisselen van 32° tot 0°. Cederberg en Sandveld zijn de warmste regio's. Een protea verdraagt korte (matige) vorst- en sneeuwperiodes.
De opwarming van de aarde voorspelt echter weinig goeds voor hun toekomst en die van het fynbos. En de protea is belangrijk voor Zuid-Afrika, dat instaat voor de helft van de wereldproductie van protea snijbloemen. De sector geeft 25.000 mensen werk in een natie met een bijzonder hoge werkloosheid.
De Koningsprotea geeft alleen zaad bij een warme vuurgloed. Zaadjes vallen dan uit de geopende bloem en kiemen bij de eerste regenval.
De meest commerciële protea is de Protea repens, die niet alleen verkocht wordt als snijbloem, maar die al eeuwen geteeld werd voor de nectar uit haar bloem of als 'brandhout'. Die nectar sijpelde overvloedig en hij werd na het koken aangewend om een suikerstroop te maken. Die werd de 'bossiestroop' genoemd en diende in de 19de eeuw als geneesmiddel op de Kaap. En vandaar ook de naam 'Suikerbossie' in het Afrikaans.
De Protea repens werd voor het eerst onder serreglas geteeld in 1774. Dat gebeurde in de koninklijke collectie van Kiev (nu Ukraïne).
Gewezen apartheidsminister Hendrik Frensch Verwoerd droomde vorige eeuw even van een nieuwe vlag voor Zuid-Afrika. Die moest bestaan uit een springbok (het 'nationale dier') temidden een kring met zes protea's. Het bleef wegens teveel weerstand een droom.
Toen het ANC de eerste democratische regering vormde, doopte zij de 'Springbokkies', zoals het nationale rugbyteam heette, wel om tot 'de Protea's'.
Zo werd "Suikerbos ek wil jou hê" gecomponeerd op Lion's Head in Kaapstad.
De overheid stelde intussen het Protea Atlas Project in werking om alle proteasoorten van het land te catalogeren.
Protea Atlas Project
Hermanus Fernkloof Nature Reserve
Liederen in Afrikaans
Welkom bij Clubs!
Kijk gerust verder op deze club en doe mee.
Inloggen met Hyves
Inloggen met Facebook
Inloggen met Google
Inloggen met Windows Live
Inloggen met Twitter Wat is dit?Je kan je ook aanmelden via een van bovenstaande partner websites. Klik op het icoontje en je bent direct ingelogd op Clubs.nl
Of maak zelf een Clubs account aan:
Aanbevelingen door leden:
mika38



Bijv. "Dit is een superleuke club voor..."




een informatie en mooie club
Statistieken
Go Zuid-Afrika RSS-Feed
23.02.2012
Punda Maria - Een 35-jarige man werd afgelopen dinsdag gedood door een buffel, niet ver van Punda Maria, helemaal in het noorden van Kruger Nationaal Park. Het is vrijwel zeker dat de man illegaal wilde vissen, tesamen met drie anderen, in de Mpho...
Lees meer…
22.02.2012
Augrabies - Het is half februari wanneer we vertrekken op tocht langs de Cape-Nambia route en gedurende acht dagen een lus maken rond enkele van de mooiste nationale parken die de Noord Kaap, Namibië en Bostwana rijk zijn. Trek mee met Go Zuid-Afr...
Lees meer…
22.02.2012
Strandfontein - Vijf jonge mannen die afgelopen maandag een dagje gingen vissen in Valse Baai, nabij Muizenberg, kunnen een aanval van een witte haai gelukkig nog navertellen.
Lees meer…
21.02.2012
Graaff Reinet - Camdeboo Nationaal Park opent kortelings haar langverwachte Nqweba Camping, meer bepaald op 1 maart 2012. De opening van het gloednieuwe tentenkamp en camping komt met een vertraging van twee jaar maar zal nu uiteindelijk kunnen af...
Lees meer…
21.02.2012
Skukuza - Het Kruger Nationaal Park heeft in de eerste twee maanden van 2012 reeds 26 neushoorns verloren aan stropers. In totaal werden 30 arrestaties gemaakt, maar dat stopt de stropers niet om verder te gaan met hun daden. In totaal werden tot ...
Lees meer…
![]() Wuppertal - Protea's staan algemeen bekend als Proteaceae, een plantensoort die vooral kenmerkend is voor de Kaap maar ook op heel wat andere plaatsen voorkomt. Onder hen de nitida maar de huis, tuin en keukennamen worden meer terug gevonden en zijn
De lokale inwoners gebruikten de duurzame bladeren als remblokken maar ook als een vorm van papier. De grijze, harde structuur van het blad maakte het handig om met houtstokjes op te schrijven en zo “briefjes” achter te laten op locatie. Een vroege voorvader van de mobiele telefoon. Tot 1891 werd in het Cedergebergte de schors gebruikt om leder te kleuren. Daar kwam een eind aan nadat zowat 20.000 struiken verdwenen. De bladeren werden niet alleen gebruikt als remblokken maar het sap werd onttrokken om te gebruiken als inkt. Medisch gezien had het sap van de schors ook waarde, het werd namelijk gebruikt om diarree tegen te gaan. Protea is afgeleid van Proteus, een god uit de Griekse mytologie, die verschillende vormen kon aannemen. In Zuid-Afrika alleen worden 90 soorten protea's aangetroffen. |
||
De Jacaranda boom is een neotropicale soort in de Bignoniaceae familie. Zijn leden strekken zich in grootte van kleine bosjes tot grote bomen. 
Zoals vaak het geval met plantensoorten wordt de soort naam ook gebruikt als gemeenschappelijke naam voor gecultiveerde verscheidenheden. Het vaakst gezien is Blauwe mimosifolia van Jacaranda Jacaranda. Deze wordt wereldwijd gekweekt voor zijn bloesem.
Andere leden van de soort zijn ook commercieel belangrijk. Bijvoorbeeld is Copaia (copaia Jacaranda) belangrijk voor zijn hout wegens zijn uitzonderlijke lengte.
De soort is verdeeld in twee secties, Monolobos en Dilobos. De Monolobos (Blauwe Jacarandas) omvat 18 soorten en komen voor in de Caraïben, Mexico, Midden-Amerika en westelijk Zuid-Amerika eveneens in kleinere aantallen in Zuid-Afrika (in het bijzonder in Pretoria) Ook de straten van Harare, Zimbabwe zijn bezaaid met Jacaranda's. Deze werden tijdens de koloniale periode massaal aangeplant.
Een Jacaranda kan tot 50 meter hoog groeien.
Dilobos, heeft dan weer 31 soorten en komt voor in Brazilië , de Amazone en de aangrenzende Vallei Parank.
De bloei van de bomen begint in Pretoria omstreeks het begin van de eindejaarsexamens aan de universiteit. Een studentikoze 'legende' zegt dat je in alle examens lukt als er een bloem van de Jacaranda op je hoofd valt.
De afgelopen jaren is er in Zuid-Afrika een heuse discussie aan de gang of de niet inheemse Jacaranda langer mag blijven paraderen in de straten van Pretoria. Hij wordt namelijk aanzien als een "alien".
De niet inheemse plantensoorten vormen een bedreiging voor lokale soorten en in vele gevallen nemen de niet inheemse over van de inheemse. Om dit te voorkomen heeft de regering wetten gestemd die ervoor moeten zorgen dat deze planten verdwijnen.
Of de Jacaranda uiteindelijk uit het straatbeeld zal verdwijnen is nog niet bekend, het laatste woord is hierover nog niet gezegd.
De flamboyant boom Poinciana (Delonix regia) groeit van 5 m tot 15 m hoog en wordt ook gulmohar genoemd. In het Nederlands wordt hij eveneens omschreven als de Vlammenboom. Hij heeft een brede kroon in de vorm van een parasol, die veel schaduw geeft. De flamboyant is in bloei erg opvallend, de boom is dan één zee van grote rode bloemen. Hij is afkomstig uit westelijk Madagascar, maar werd als sierboom wereldwijd verspreid over de tropische gebieden. De eerste exemplaren werden op de Caraïben aangeplant door Phillipe de Longviliers de Poincy (1583 - 1660). Hij was de Franse gouverneur van St. Kitts en toefde in Basseterre. Die stad werd in 1627 gesticht door de Fransen en ontwikkelde zich onder zijn beleid tot een belangrijke koopvaardijhaven. Vandaar dat de boom ook de naam 'Royal Poinciana' kreeg. In de natuur behoort hij echter tot de bedreigde soorten, maar hij wordt overal gecultiveerd. Hij is niet moeilijk wat de samenstelling van zijn gron betreft en verdraagt zoute lucht, nachtelijke koelte, maar geen te grote vorst. De flamboyant wordt gewaardeerd voor zijn snelle groei, schaduw en overweldigende bloemenpracht. Hij is akkelijk te herkennen aan het heel grote geveerde blad met ruim een halve meter lange, houtige, hangende peulen. De plant is verwant aan de Johannesbroodboom, Bauhinia en Cassia. Als tropische boom wordt hij best in een kuip gekweekt. Hij kan binnskamers, koel overwinteren. Op de Caraïbische eilanden groeien er nu duizenden flamaboyants, maar de boom is ook vindbaar in de Verenigde Staten (Florida, zuidelijk Texas, Arizona, California), op eilanden in
de Pacific en Australia, In gebieden van India en in zuidelijk en oostelijk Afrika, zoals Mozambique, Mauritius, Reunion, Seychellen, Tanzania, Zuid-Afrika (vooral in Nelspruit) en Namibia In Zuid-Afrika noemt men de flamboyantsoorten ook de 'Huilboerboon' en 'Wildesering'. Zijn bladeren zijn 30 tot 50 cm lang en bevatten 20 tot 40 paar kleine deelbladjes die zich 's avonds samenvouwen. Bladeren vallen af, maar hij hij verliest zelden al zijn bladeren, tenzij in heel droge gebieden. De flamboyant begint te bloemen van zodra hij nieuwe bladeren krijgt. De bloemkleur wisselt van scharlakenrood tot oranjerood en bloemen kunnen 8 tot 15 centimeter groot worden. Hoe ouder de boom wordt, hoe meer bloemen hij geeft. Zij worden bestoven door insecten en vlinders en zelfs door vogels. De zaden worden tot 60 cm lang en 5 cm breed. Hiervan worden op de Caraïben de 'maracas' gemaakt, die ook gekend zijn als de sambaballen, die ter begeleiding van orkestmuziek het ritme helpen aangeven. De flamboyant behoort tot de familie van de Caesalpinaceae, een familie van tropische en subtropische heesters en bomen, die door sommige biologen wordt tot de familie van Fabaceae (Vlinderbloemigen) worden gerekend. De flamboyant is niet de enige tropische boom, die felle rode bloemen geeft. Ook de Australische vuurboom (Flame tree) bloeit zo, maar is echter geen rechtstreekse verwant van de flamboyant
De Koningsprotea, ook bekend als de Reuzeprotea of Honingpot (Protea cynaroides) is een tweezaadlobbige plant. Deze is in grote delen van zuid-westelijk en zuidelijk Zuid-Afrika (fynbos) te vinden. De bloem is de grootste binnen de familie van de Proteaächtigen. De koningsprotea is de nationale bloem van Zuid-Afrika. De plant is het
vlaggenschip van het Protea Atlas Project van het Zuid-Afrikaanse Nasionale Botaniese Instituut. Deze ongewone bloem gaat als snijbloem lang mee. Ze is ook als droogbloem geschikt.